Werkwijze

Happy2Move startte in 2012 met de naschoolse dagbesteding waar het aanleren van sociale en motorische vaardigheden centraal staat. Dit willen we realiseren door een pedagogisch onderbouwd, veilig en gezond klimaat te creëren, waarin we iedere dag een sportieve activiteit aanbieden en gezamenlijk een gezonde maaltijd nuttigen.  Kinderen moeten bij Happy2Move zichzelf kunnen zijn en alles uit hun mogelijkheden halen. Om hier vorm aan te geven maakt Happy2Move gebruik van de Schalock methodiek. 

De Schalock methode gaat uit van 8 domeinen die gericht zijn op het kwaliteit van leven. De domeinen van kwaliteit van bestaan zijn alle factoren die gezamenlijk persoonlijk welzijn vormen. Deze factoren vertegenwoordigen het gebied waarover het concept kwaliteit van bestaan zich uitstrekt en geeft hierdoor de multidimensionaliteit van kwaliteitsvol bestaan weer. De volgende acht domeinen van kwaliteit van bestaan worden in het model van Schalock en Verdugo onderscheiden. Deze zijn uitgebreid onderzocht en gevalideerd in een aantal interculturele onderzoeken (Jenaro et al., 2005; Schalock et al., 2005).

  1. Emotioneel welbevinden; 
  2. Interpersoonlijke relaties; 
  3. Materieel welbevinden; 
  4. Persoonlijke ontplooiing;
  5. Lichamelijk welbevinden;
  6. Zelfbepaling;
  7. Sociale inclusie / erbij horen;
  8. Rechten.

Organisatie

Elke vestiging heeft een hoofd pedagogisch medewerker, ook wel locatieleider genoemd. Hij of zij heeft een hbo opleiding Pedagogiek of SPH succesvol afgerond en enige ervaring in een leidinggevende functie. Naast de hoofdpedagoog werken op een vestiging ook pedagogisch medewerkers en persoonlijk begeleiders. Afhankelijk van de hoeveelheid kinderen en de doelgroep worden het aantal pedagogisch medewerkers bepaald. Daarnaast is Happy2Move ook een erkend leerbedrijf. Iedere dag zijn er stagiaires van verschillende opleidingen bij ons werkzaam. 

Deze ruime personeelsbezetting maakt het mogelijk om kinderen de aandacht te geven die zij nodig hebben. Zo zullen zij niet alleen in groepsverband benaderd worden, maar ook individueel. Hoe intensiever de contactmomenten zijn, hoe sneller er aan persoonlijke doelen gewerkt kan worden.